Onlangs heeft TramGroningen.nl meer informatie gevraagd over de rapporten van Goudappel & Coffeng over de vervoerswaarden en onderzoeken naar de vervoersstromen. Daarop werd meegedeeld dat deze alleen volledig in te zien waren op het trambureau omdat er uitgebreide uitleg nodig zou zijn over de ingewikkelde cijfers. Daarna zouden er enkele kopietjes gemaakt kunnen worden. Op ons verzoek heeft projectbureau regiotram afgelopen maand deze 4 bestanden online gezet. Ze staan op de website van regiotram.nl in de bibliotheek onder de datum 12-06-2008, maar zijn nu dus pas echt (gedeeltelijk) openbaar.
Ik zal nog een afspraak maken op het trambureau voor uitleg en hoop dat daarna de volledige rapporten alsnog nog gepubliceerd worden. Wij ontvingen verschillende mailtjes van mensen die deze cijfers wel kunnen interpreteren en willen inzien. Het is natuurlijk een beetje vreemd dat deze mensen een halve dag vrij moeten nemen om deze cijfers te bestuderen. Ook is het jammer dat men de volledige rapporten niet (meteen) online wil zetten. Het blijkt in de praktijk dat veel cijfers vaak worden overschat. Bij de Rijngouwelijn bleken provincie en gemeente ook verschillende onderzoeken te hebben uitgevoerd, met verschillende uitkomsten. "Bij grote infrastructuurprojecten worden de investeringskosten vooraf meestal tientallen procenten onderschat (Flyvbjerg et al., 2003)" en "Volgens internationaal vergelijkend onderzoek worden vervoersstromen (en daardoor de baten) met name bij OV-projecten vaak overschat (Flyvbjerg et al., 2003) Bron: Dit onderzoek van Verkeer & Waterstraat)
Naast bovenstaande rapporten hebben wij ook het rapport "Quick Scan naar de markt en capaciteit op de gedecentraliseerde spoorlijnen" van september 2008 op het intenet gevonden. Hieruit blijkt dat het KiM (Kennisinstituut voor Mobiliteitsbeleid) een veel lagere groei verwacht dan deze onderzoeken in opdracht van het projectbureau regiotram. Over de groei na 2020 is het volgende te lezen: "Ook is de verwachting dat na 2020 Na 2020 - zo is de overheersende verwachting in de meeste scenario's over deze periode - zal veel autonome groei van de personenmobiliteit tot staan gebracht worden. De belangrijkste oorzaak hiervoor is de afname van de bevolkingsgroei tot nul tot zelfs terugloop van de bevolking in Nederland."
Uit de rapporten en mededelingen van het trambureau en Karin Dekker van GroenLinks blijkt dat de Regioram niet ver de regio in zal rijden. De regiotram zal hoogstens 15 kilometer de regio ingaan. Daarbij moet gedacht worden aan een regiotram tot Eelde/ de Punt en misschien naar Hoogezand (waar al een extra trein naar Veendam gaat rijden). Als de afstand groter is kiest de reiziger liever voor de veel comfortabelere en snellere trein. Daarnaast zijn de meeste regiotramlijnen niet rendabel omdat er gewoonweg te weinig reizigers zijn, of doordat er treinen gaan rijden.
Ook blijkt dat de studie een paar uitgangspunten hanteerd, zoals een treinlijn naar Heerenveen. Onlangs bleek echter dat de SP tegen deze verbinding is wegens torenhoge kosten en de VVD is tegen omdat zij denken dat deze treinverbinding te weinig extra reizigers oplevert. Daarnaast gaan de rapporten ervan uit dat de wegen nog steeds vollopen, ook na de realisering van de nieuwe ringeweg.
De betreffende onderzoeken in opdracht Projectbureau regiotram:
- [12-06-2008] Goudappel Coffeng vervoerwaardestudie 2020 [PDF, 48MB]
- [12-06-2008] Brief GC beschrijving ombouw RGA1.2 naar verkeersmodel RegioTram 1
- [12-06-2008] Goudappel Coffeng Matrix-analyse (herkomsten en bestemmingen)
- [12-06-2008] Goudappel Coffeng verkeersmodel RegioTram resultaten tracé lijn 1 [PDF, 0.1MB]
- Onderzoek van het KiM naar spoorlijnen:
Quick Scan naar de markt en capaciteit op de gedecentraliseerde spoorlijnen (Eindrapport 26 september 2008)
Deze onderzoeken zijn dus lang niet compleet, cruciale rapporten zijn online nergens te vinden.
Enkele opmerkingen en vragen die bezoekers van TramGroningen.nl hebben:
Wat valt op:
- Referentiewaarden gaan uit van 2015 met alleen tramlijn CS- Zernike;
- De Modelberekeningen gaan juist uit van 2020 met o.a.meerdere; tramlijnen, waaronder CS - Kardinge, een nieuwe treinverbinding Groningen - Heerenveen;
- gebruikte uitgangspunten gaan uit van verwachte ontwikkelingen 2020;
- model is niet beschreven;
- overstapgedrag, mate van beinvloeding tram/trein/bus/auto/fiets is niet beschreven, zowel kwalitatief als kwantitatief;
- alleen de resultaten zijn beschikbaar, de stappen in modelberekeningen zijn niet aanwezig;
- conclusie modelberekeningen geeft aan dat bij volwaardig net in 2020 en doorverbinding in regio alleen op oostelijke corridor tussen Hoogezand en Zernike/Kardinge een winst is te behalen van circa 6000 reizigers per werkdag bij vergelijking met referentie in 2015
Enkele vragen en opmerkingen van bezoekers:
- zijn uitgangspunten voor 2020 nog bruikbaar gezien waarschijnlijke overschatting arbeidsmarkt, bevolkinsgroei, vervoersgroei etc?
- vergelijking tussen volwaardig regiotramnet 2020 met 2015 geeft overschatting groei?
- prijsvorming alternatieven, ontwikkeling Ring Zuid wel voldoende meegenomen?
- ontwikkeling fietsverkeer in Stad en regio voldoende meegenomen?
- er is geen referentiesituatie berekend met model en vergeleken met werkelijkheid 2004?
- hoe wordt overstapgedrag van reizigers in het model meegenomen?
- er wordt geen onderscheidt gemaakt tussen soorten reizigers en tijdstip van reizen bij de modeluitkomsten?
Enkele zinsneden uit de rapporten:
"Het aantal verplaatsingen vanuit de regio van en naar de stad Groningen groeit de komende jaren sterk. Deze groei is niet zozeer op de binnenstad gericht, alswel op de rest van de stad."
"De invoering van de RegioTram heeft een kleine groei van het aantal OV-gebruikers naar Zernike tot gevolg. In hoofdlijnen wordt dan ook gesteld dat de RegioTram als vervoerswijze een alternatief is voor de geschrapte buslijnen 11 en 15."
"Slechts op korte afstand weegt de snelle doorkoppeling naar het centrum met de RegioTram nog af tegen de treinverbinding. Hieruit kan worden afgeleid dat het doortrekken van de RegioTram vanuit de stad de regio in, vooral aantrekkelijk is binnen de 'kleine regio', het gebied tussen Hoogezand Sappemeer en Haren. Op langere afstanden wint de snelheid van het spoor het van het comfort van de directe verbinding met de binnenstad."

